Landbouw boekt goede vooruitgang met emissiereductie
08-04-2026
De landbouw in Flevoland heeft goede vooruitgang geboekt met de reductie van emissie van gewasbeschermingsmiddelen naar het oppervlaktewater. Dat blijkt uit metingen van Waterschap Zuiderzeeland. Fabrikanten, distributeurs en gebruikers de van de gewasbeschermingsmiddelen zijn blij met deze resultaten, maar benadrukken ook dat er volop aandacht voor emissiereductie moet blijven.
Het waterschap heeft jaarlijks overleg met de landbouw om zijn bevindingen over gewasbeschermingsmiddelen die worden aangetroffen in oppervlaktewater, te delen en te bespreken. Tot voor kort ging het dan uitsluitend over het gebruik van gewasbeschemingsmiddelen in de landbouw. Dit jaar werd ook informatie gedeeld over biocoden: de lozingen vanuit de waterzuiveringen en de metingen rondom hondenstrandjes. De conclusie na een analyse van alle metingen: de landbouw staat er goed voor. Het aantal overschrijdingen in 2025 is beperkt, maar er kunnen en moeten nog stappen worden gezet. Middelen die worden gebruikt voor vlooien en tekenbestrijding bij huisdieren (imidacloprid, fipronil en piperonyl-butoxide) worden met name aangetroffen in het afvalwater van de waterzuivering en in de omgeving van hondenstrandjes. Deze stoffen zijn met de huidige zuiveringstechniek op zuiveringen niet uit het water te halen. Maar het waterschap gaat zuiveringen in Almere en Lelystad aan de slag met het testen van een aanvullende zuiveringstechniek waarmee onder meer deze stoffen naar verwachting (deels) kunnen worden gereduceerd.
Frans van Egmond, directeur van leverancier Profyto DSD in Emmeloord is blij met de bredere beoordeling van oppervlaktewater, maar waarschuwt ook. “De landbouw mag trots zijn op haar prestaties, maar mag zich ook niet blindstaren op de invloed van andere bronnen. We moeten zelf ook nog een laatste stap zetten.” Twee belangrijke emissiebronnen zijn volgens hem nog altijd de erfemissie en drift. Beide zijn in hoge mate te beïnvloeden door de landbouwers. “Erfemissie ontstaat onder meer na het schoonspuiten van de spuitmachine waardoor verontreinigd water wegstroomt. Drift is een gevolg van spuiten bij te hoge windsnelheden. Als 90 % van alle boeren dat goed doen, is het 10% die het verknalt voor de rest. Daar moeten we aandacht voor blijven vragen.” Een derde route van emissie is de afspoeling vanaf een perceel na een hevige regenbui. Door de aanleg van extra greppels is dat te beperken.
Een veel gemaakte opmerking was dat het voor de sector belangrijk is dat monitoringsgegevens tijdig beschikbaar worden gesteld in plaats van een jaar na dato. Dan kan men er nog iets mee. Het waterschap wil hiermee aan de slag.

